Bovenkant van de pagina
Ga direct naar de navigatie
Ga direct naar de content

2

Stille Tocht

Loop mee naar de Nationale Herdenking op de Dam

De burgemeester loopt jaarlijks met enkele honderden mensen in een Stille Tocht vanaf het Museumplein naar de Nationale Herdenking op de Dam. Op 4 mei 2015 om 17:45 uur start de Stille Tocht op het Museumplein, dit jaar met als nieuw vertrekpunt het Stedelijk Museum, onder de witte kap bij de hoofdingang. Dit jaar zullen 70 kinderen uit stadsdeel Noord met de tocht mee lopen.

Programma

Voorafgaand aan de tocht houden burgemeester Eberhard van der Laan, Job Cohen (voorzitter Amsterdams 4 en 5 mei comité) en Coby van Berkum (bestuursvoorzitter stadsdeel Noord) een korte toespraak. Voor aankomst op de Dam zullen de basisschoolleerlingen, dit jaar uit stadsdeel Noord van OBS De Krijtmolen, IKC Zeven Zeeën en OBS Twiske, en leerlingen van het Weekendstudentproject gedichten voordragen.

De tocht vangt aan bij het Stedelijk Museum en stopt onderweg bij het monument voor Roma en Sinti, Vrouwen van Ravensbrück en de Gevallen Hoornblazer. Bij aankomst bij de Nationale Herdenking op de Dam is er een speciaal vak gereserveerd voor alle deelnemers van de tocht. De leerlingen leggen bloemen.


  • 17.45 Aanvang programma onder de witte kap van het Stedelijk Museum, bij de hoofdingang
  • 18.20 Vertrek vanaf Museumplein naar de Dam
  • 19.35 Aankomst op de Dam in een speciaal vak voor deelnemers aan de Stille Tocht. Vanaf dit moment kan men de plechtigheid volgen van de Nationale Herdenking.

Het Amsterdams 4 en 5 mei comité roept iedereen, individuen en organisaties, op om met de Stille Tocht mee te lopen. Voor meer informatie of vragen kunt u contact opnemen met Nikki Boot door te bellen naar 020-5287129 of via de .

Wilt u meelopen? Kom dan op 4 mei even voor 17.45 uur naar het Museumplein, onder de overkapping van het Stedelijk Museum.

Meer weten over het ontstaan van de Stille Tocht? Lees het hier!

Klik hier om terug te gaan naar het overzicht Buurtherdenkingen in stadsdeel Zuid.