Persoonlijke verhalen over de Pontenbrug 1945 (deel 2)

Deel 2: verhalen van mevrouw J.H. de Kat-Belkmeer, de heer Dirk Jan Nat, mevrouw Gerda de Vries, de heer Philip Reuvers, de heer Johan Siemons

Op de oproep om persoonlijke verhalen te delen kreeg het Amsterdams 4 en 5 mei comité veel reacties. Hier delen wij die, met dank aan alle mensen voor hun bijdrage.

Pontenbrug 1945

Mevrouw J.H. de Kat-Belkmeer (1928)

"Op 16-jarige leeftijd kwam ik met mijn familie terug uit Drenthe, we waren daar een half jaar geweest vanwege de Hongerwinter. Ik woonde bij de Waddenweg en ben een oud-Noordeling, daarom gingen we altijd met de pont heen en weer. Toen we terugkwamen, gingen we op de pont zitten wachten tot die weer ging, alleen die vaarde niet meer en dat vonden we heel vreemd want we hadden daar geen erg in. Toen kwamen we tot de ontdekking dat er een pontenbrug was. Het was vreemd om over de brug te lopen want het kwam erop neer dat je over het IJ liep in plaats van dat je erover vaarde."


De heer Dirk Jan Nat (1940)

“Ik was 5 jaar toen ik over de brug ging in ’45. Het is heel bijzonder, maar ik kan me heel veel dingen uit de tijd van de oorlog nog herinneren. De pontenbrug heeft toen veel indruk op me gemaakt, dat je er zo overheen kon lopen en dan Amsterdam in liep.”
“Precies 70 jaar geleden liep ik met mijn vader over de pontenbrug. Na de bevrijding zijn wij ook nog een keer met de auto een “Chevrolet Kenteken G-10023” erover gereden. Wij woonden in De Rijp en mijn vader was graanhandelaar en had veel handelscontacten in Amsterdam. Na de oorlog nog vele jaren in de beurs van Berlage. Dan liepen we over de ponten zo het Damrak op, en als de beurs dan was afgelopen liepen we zo terug.”

“Wij konden ook vanuit De Rijp met de bus naar Purmerend en dan daar op het boemeltje naar het bootje over het IJ. Als ik dit verhaal vroeger vertelde wilde niemand geloven dat er ooit een pontenbrug was. Ik zou deze wandeling ontzettend graag samen met mijn echtgenote nog eens willen meemaken.”


Mevrouw Gerda (Geesje) de Vries (1929)

Gerda (Geesje) de Vries is wel honderden keren over de brug gelopen, en heeft er veel spannende herinneringen aan.

“We gingen naar Schoevers, de meisjesschool in de Van Baerlestraat. Daar gingen we helemaal lopend naartoe want er ging geen tram, geen bus, en de ponten vaarden niet want die hadden ze allemaal achter elkaar gelegd. Samen met een vriendin ging ik een keer naar huis vanaf Schoevers over de pontenbrug, en toen hoorden we een vreselijk lawaai boven ons. Dat bleek een V1 of een V2 te zijn, die schoten de Duitsers af op Londen. We zijn rustig verder gelopen want dat ding vloog al verder uit onze buurt.”
“Op mooie dagen lagen de Duitsers in een strook gras naast de brug te zonnen. Ze lagen dan altijd naakt. Nou dat vonden we interessant hoor, als jonge meisjes, al die Duitse piemels. Maar we waren ze liever kwijt dan rijk hoor.”

“Op 7 mei 1945, ik was toen 16 jaar, hadden ze gezegd dat de Canadezen op de Dam zouden komen. Mijn vriendin en ik waren helemaal in de wolken. We liepen met een oranje petje en een toetertje naar de Dam, en toen kwamen we op het Rokin en daar liepen een paar binnenlandse strijdkrachten, de mannen die in het verzet gezeten hadden, de orde te handhaven. Ze doken de goot en in riepen dat we weg moesten wezen omdat ze aan het schieten waren op de Dam! We wisten niet hoe gauw we weg moesten komen en we zijn door een of andere draaideur van een kantoor naar binnen gegaan. Op de eerste verdieping konden we vanuit de directiekamer door een erker naar buiten kijken. Daar hebben we zo’n twee uur doorgebracht want we durfden de straat niet op. Maar op een gegeven moment moesten we toch weer naar huis. Toen zijn we door allemaal steegjes en over allemaal grachtjes terug naar de Pontons gegaan. Eenmaal bij de brug aangekomen bleek dat de Duitsers vanaf daar ook hadden geschoten; we hadden dus wel in het schietveld kunnen staan! Maar we zijn goed de pontons overgekomen en als de wiedeweerga naar huis gegaan.”


De heer Philip Reuvers (1938)

"Ik was een jaar of 6, 7 in de tijd toen ik de brug overstak. Wij woonden in Tuindorp Oostzaan, als we naar de stad gingen dan ging mijn moeder op de fiets en zat ik bij haar achterop met het wandelwagentje. We parkeerden onze fiets bij de sluis en gingen dan vanaf daar de stad in lopen. We gingen altijd met de pont en later natuurlijk met de pontbrug. Die brug vind ik tot nu toe nog steeds de beste verbinding tussen Noord en Amsterdam. Je was in een tijd van twee minuten aan de overkant. Hij was, dacht ik, tussen 12 en 14 niet te gebruiken omdat dan de ponten aan de kant gingen voor het verkeer en ik dacht dat dat ’s avonds ook nog een keer gebeurde, dat er een bepaalde tijd was dat je hem niet kon gebruiken omdat de ponten eruit gingen voor het scheepvaartverkeer."

"Mijn moeder ging nooit op de fiets de stad in omdat ze bang was dat die bij een fietsenrazzia in beslag genomen zou worden. We hebben ook meegemaakt dat ons eten in beslag genomen werd. Meestal gingen we lopen naar mijn tante want die woonde ergens in West. Of we gingen naar de Amsterdamsche Bank toe want daar kon je dus nog wel goederen krijgen. Voordat hij verplicht te werk gesteld werd in Duitsland, werkte mijn vader bij de technische dienst bij de Amsterdamsche Bank op het Rembrandtplein. Daar konden we dus nog wel wat artikelen krijgen zoals suikerbieten en bollen. Op de heenweg mocht ik dan nog in het wandelwagentje maar op de terugweg moest ik lopen want dan zaten de goederen in het wandelwagentje."


De heer Johan Siemons (1937)

Johan Siemons is geboren op 4 maart 1937 in het Anna Paviljoen in Amsterdam.

“Mijn moeder en ik verlieten het paviljoen elf dagen later, op de verjaardag van mijn moeder 15 maart, om naar ons huurhuis op de Monnikendammerweg nr. 24 te gaan. De gevechtsvliegtuigen vlogen vlak over ons huis! Mijn moeder was zó bang dat door de onzekere omstandigheden de pont zou uitvallen(!) en zij haar moeder niet meer zou kunnen bezoeken aan de stadskant van het IJ, dat wij verhuisden naar de Diamantstraat nr. 48. Gedurende die vijf oorlogsjaren bezochten wij wel de voormalige buren in Tuindorp Nieuwendam. Het moet tijdens één van de laatste visites zijn geweest dat wij over de “pontverbinding” naar noord liepen."

Alle rechten voorbehouden