Nieuws

Blog: Liquidatie van een Jodenjager

Het is druk in de woonkamer van het huis aan de Linneausparkweg 25, er zijn te weinig stoelen en bijna iedereen moet staan. De oudere bezoekers mogen plaatsnemen aan de eettafel waar de buurtgeschiedenis meteen voor levendige theekransjes zorgt. Historicus Ad van Liempt zit aan het hoofd van de tafel en kijkt rond. "Wie gaat mij vandaag een nieuw verhaal vertellen?" zie je hem denken. Hij haalt adem en zegt: "We zitten hier op de plek waar een van de grootste oorlogsmisdadigers van Nederland werd geliquideerd."
Iedereen is stil.

Mascha Jansen  KR Ad van Liempt 4 mei 2016.jpg

8 december 1944 09.00 uur, Wim Henneicke verlaat zijn woning aan de Linneausparkweg 79 en stapt op de fiets. Hij groet zijn buurjongetje Wim Vlaanderen en rijdt richting de Hogeweg. Even later, ter hoogte van nummer 25 klinken een paar schoten uit een portiek. Henneicke valt neer en de dader maakt zich uit de voeten. Vlaanderen zag het als kleuter allemaal gebeuren en vertelt het verhaal nu, tweeënzeventig jaar later alsof het gisteren was. "Hij sprak zijn laatste woorden dus tegen mij," zegt hij bijna lachend.

Heinnecke die zich de maanden voor dit incident heimelijk bij een verzetsgroep had proberen aan te sluiten, werd gestraft voor zijn werkelijke carriere in de jaren veertig: die van Jodenjager. De statenloze Heinnecke had na een bestaan als snorder, stofzuigerverkoper en vooral steuntrekker eindelijk goed betalend werk gevonden. Bij de steun hadden ze hem verteld dat er voor mensen met NSB sympathieën veel werk was en zo belandde Henneicke al snel bij de Hausradferfassungsrad, een organisatie die zich bezig hield met het inventariseren van Joodse woningen en hun huisraad.

Door zijn nieuwe baan wist Henneicke vrij snel de woning van de joodse familie Nol te bemachtigen. "De familie Henneicke was een wat vreemde verschijning in de Watergraafsmeer want ze spraken plat Amsterdams," vertelt het voormalige buurjongetje Wim. "Dat was echt niet normaal in onze koude kakbuurt."

Toen Henneicke erachter kwam dat je per aangegeven Jood zeven gulden vijftig kon krijgen, begon hij al snel naar onderduikers te speuren. "Al snel heeft hij een hele colonne onder zich die in een half jaar acht tot negen duizend Joden arresteerde," vertelt van Liempt. "Dat is bijna tien procent van het totaal aantal gedeporteerden in Nederland."

Henneicke was meedogenloos. "Hij bleef mijn ouders steeds vragen of ze iets gehoord hadden over hun oude buren de familie Nol," herinnert Vlaanderen zich. "Mijn moeder riep dan altijd dat dit hem niets aanging en dat de familie Nol uit vriendelijke mensen waren."

Van Liempt schreef een boek over de jodenjagers en de oorlog liet ook Vlaanderen nooit meer los. Zelfs de huidige bewoners van nummer 79 hebben zich in de oorlogsgeschiedenis van hun huis verdiept.

Aan tafel ontstaat een levendige discussie over de details van deze geschiedenis. Was de familie Nol wel of juist niet onder gedoken? De huidige bewoners blijken contact te hebben met een zoon Nol die er volgens Vlaanderen helemaal niet was. Historicus van Liempt volgt geconcentreerd het debat. Soms biedt hij uitkomst door data te noemen of nuances aan te brengen.

"Sommige verhalen zijn zo moeilijk met elkaar te verenigen," zegt de historicus tot slot. Ontbrekende informatie, steeds minder overlevenden en verschillende interpretaties. Het speelt ons allemaal parten maar de fascinatie blijft. En dan vertrekt het gezelschap naar het huis waar de familie Nol en daarna Henneicke woonde. Ze mogen van de huidige eigenaar een kijkje nemen.

Geschreven door Pieter-Bas van Wiechen
Foto’s door Mascha Jansen.

Mascha Jansen kr Ad van Liempt V 4 mei 2016.jpg
Mascha Jansen KR Ad van Liempt VI 4 mei 2016.jpg