Oorlogswinter in het Olympisch Stadion

Locatie

Olympisch Stadion
Olympisch Stadion 2 , 1076 DE Amsterdam

Toon kaart

Sporters, onderduikers en bezetters. In het Olympisch Stadion liepen ze allemaal dwars door elkaar. Om de hoek aan het ijsbaanpad werd het Nederlands Kampioenschap gesaboteerd om een razzia te voorkomen.

Dit verhaal wordt verteld op zondag 5 mei om 12.00 en 13:00 uur. Dit is een locatie met een groter aantal plaatsen.

Het Olympisch Stadion tijdens de oorlog
12.00 uur

Het Olympisch Stadion bleef gewoon in gebruik tijdens de Tweede Wereldoorlog. Tienduizenden mensen kwamen kijken naar sporten als voetbal, wielrennen en boksen - zelfs naar schaatsen! Ook de nazi's organiseerden daar enorme sportfeesten, waarvan startlijsten zijn teruggevonden.

Maar deze plek speelde nog vele andere rollen. De fietsen die in Amsterdam in beslag waren genomen door de Duitsers werden bij het stadion verzameld voordat ze naar Duitsland werden getransporteerd. De bezetter had er zelfs een kantoor, aan de zijde van de Schinkel. Ondertussen zaten er aan de andere kant van het veld onderduikers!

Na de bevrijding waren er in het Olympisch Stadion weer nationale oorlogsherdenkingen, onder meer tijdens de Bevrijdingsspelen.

Sporthistoricus Jurryt van de Vooren vertelt in dit monument over de oorlogstijd in het stadion.

Sabotage op het ijs
13.00 uur

De oorlog begon met twee strenge winters - na die van 1940, die nog tijdens de mobilisatie viel, werden er zelfs drie Elfstedentochten op rij verreden! Overal waar geschaatst kon worden, werd geschaatst. Zelfs in het ondergespoten Olympisch Stadion.

Eind januari 1942 zou de Amsterdamsche IJsclub op haar nieuwe ijsbaan aan de Schinkel (achter het Olympisch Stadion, waar nu het IJsbaanpad nog herinnert aan die ijsbaan) het Nederlands kampioenschap organiseren. Maar sinds de Februaristaking van 1941 was de sfeer grimmig in de stad. De Joden werden achter prikkeldraad "geconcentreerd" en de propaganda om dienst te nemen in de SS en tegen het Bolsjewisme te gaan vechten werd ook steeds feller.

Iedereen was bang voor razzia's. Uit angst voor zo'n razzia besloten de organisatoren van het Nederlands schaatskampioenschap na de eerste dag op 24 januari 1942 de ijsbaan vol sneeuw te scheppen. De tweede dag van het kampioenschap kon daardoor niet doorgaan en wellicht werd daar een grote razzia mee voorkomen. Twee schaatsbestuurders belandden vanwege deze sabotage wel in de cel. Onder hen de toenmalige voorzitter van de Internationale Schaats Unie, de Amsterdammer Gerrit van Laer.

Schaatshistoricus Marnix Koolhaas vertelt in het Olympisch Stadion, waar mogelijk ook Anne Frank in 1941 nog heeft geschaatst, over schaatsen in de oorlog.