Artikel

Droomonderduik

Over de geschiedenis van dierentuinen in oorlogstijd is weinig bekend. Na de bevrijding was men vooral bezig met het herstel van de oorlogsschade, het opvullen van de ontstane leemten in de diercollectie en het wegwerken van achterstallig onderhoud. Geschiedschrijving had een lage prioriteit. Als (oud) directeur van Artis verzamelde Frankenhuis meer dan twintig jaar lang archiefmateriaal, verhalen, artikelen, foto’s en andere gegevens over hoe de hoofdstedelijke dierentuin de oorlog heeft doorstaan. Deze verhalen vertelde hij in zijn rondleiding "Droomonderduik" op 5 mei. Het werd een memorable ochtend, mede dankzij de onnavolgbare vertelkunsten van Frankenhuis! Zie hieronder de dankbare groep deelnemers.

groepsfoto Artis

In ‘Overleven in de dierentuin; De oorlogsjaren van Artis en andere parken’ beschrijft Maarten Frankenhuis onder meer hoe de directie en de medewerkers het voor elkaar kregen om in de oorlogsjaren toch net voldoende hooi, vis, vlees, groente, fruit en zaden te bemachtigen voor de dieren, en steenkool en elektrische energie voor de verwarming van hun verblijven en de pompen in het aquarium. Vooral in de Hongerwinter was het afzien en de schaarste nijpend, en moesten de leeuwen zelfs enige tijd met grote tegenzin hun hongergevoel bevredigen met stokvis.

Behalve de dieren vonden ook tussen de twee- en driehonderd mensen in de tuin – verstopt in tal van dierverblijven, op hooizolders en in de holle apenrots - een veilig onderkomen: Joden, soms hele families, mannen die aan de dwangarbeid in Duitsland probeerden te ontkomen, en een enkele verzetsman. Deze verborgen geschiedenis van onderduikers in Artis wordt belicht aan de hand van citaten, anekdotes en door Frankenhuis en door anderen gedocumenteerde verhalen.

Hoewel Artis slechts een joodse medewerker in dienst had, de heer Polak, oprichter en beheerder van het insectarium, kende de hoofdstedelijke dierentuin wel drie Joodse bestuursleden, waaronder de voorzitter, de flamboyante Robert May, directeur van de bank Lippmann Rosenthal & Co. Van de beide andere Joodse bestuursleden kon de gedeputeerde van de Provincie Noord Holland, de heer Eduard Polak, tijdig ontkomen naar Engeland. Ook de beheerder van het insectarium overleefde de bezettingsjaren in Zwitserland. Emanuel Boekman, wethouder van de Gemeente Amsterdam pleegde na de Duitse inval met zijn vrouw zelfmoord. Voorzitter Robert May zag kans zich administratief dood te laten verklaren en overleefde – in alle openheid - vermoedelijk daardoor de bezettingsjaren.

In 2012 verscheen van Franhuis' hand reeds de novelle Droomonderduik over de wonderlijke fantasiewereld en de traumatische belevenissen van een Joods onderduikertje in Artis.

Alle rechten voorbehouden